Een kind van 25 kg dat 5 kg op de rug draagt komt overeen met een volwassene van 70 kg die elke dag met 14 kg naar het werk loopt. Daarom herhalen orthopeden de tienprocentregel: een volle tas hoort niet meer te wegen dan een tiende van het gewicht van wie hem draagt.
Hoe je weegt (kost 1 minuut)
Badkamerweegschaal: weeg het kind zonder tas, daarna met de volgepakte maandagtas (de ergste dag). Het verschil is het getal dat telt. Boven de 10 procent moet er iets uit, boven de 15 is het dringend.
Inpakken in lagen
- Tegen de rug aan: het zwaarste (grote boeken). Gewicht ver van de rug wordt een hefboom tegen de wervelkolom.
- Middelste laag: schriften en etui.
- Voorvak en zijvakken: het lichte spul: broodtrommel, agenda.
- Altijd beide bandjes: een tas over één schouder verdubbelt de last aan die kant. Stel de bandjes zo af dat de onderkant van de tas op heuphoogte eindigt.
De signalen dat hij te zwaar is
- Het kind buigt naar voren bij het lopen.
- Rode plekken of pijn aan de schouders na school.
- Klachten over rug of nek midden in de week.
- De tas is moeilijk met één hand op te tillen.
Wat echt helpt
Overleg met de leerkracht welke boeken op school kunnen blijven. Deel waar mogelijk een set boeken tussen thuis en school. En pak elke avond samen uit, want de helft van het gewicht is meestal spul dat er al dagen in ligt zonder gebruikt te worden.


